Wat is FCI-Obedience?

Wat is fci-obedience?

FCI-obedience is een hondensport die is ontstaan uit het vroegere Gedrag & Gehoorzaamheid (G&G). Klik HIER voor meer informatie over het verschil tussen Gedrag & Gehoorzaamheid en FCI-obedience.

Bij het FCI-obedience programma ligt het accent op een hoge graad van gehoorzaamheid en perfectie. Het programma kent vier klassen: Beginners, 1, 2 en 3. FCI-obedience is een tak van hondensport waaraan veel verschillende rassen meedoen. Het FCI-obedience programma is opgebouwd uit oefeningen als:

Aangelijnd volgen
Los volgen
Komen op bevel met posities (sta, af)
Posities (zit, sta, af) tijdens het volgen
Pion+vak sturen en aansluiten
Posities op afstand (sta, zit, af)
Apporteren over een hoogtesprong
Sorteren op geur
Richtingapport

Per niveau worden de opdrachten gecompliceerder en moet de uitvoering perfecter zijn om aan de norm te voldoen. Trainingen voor FCI-obedience worden aangeboden door diverse regionale kynologenclubs en hondensportverenigingen. Niet iedere vereniging die FCI-obedience in zijn aanbod heeft organiseert cursussen voor alle klassen.
De reglementering van de beginnersklasse is een verantwoordelijkheid van de commissie FCI-obedience (COB). De reglementen voor de internationale klassen 1, 2 en 3 worden vastgesteld door de Fédération Cynologique Internationale (FCI).

De commissie FCI-obedience zorgt tevens voor de keurmeesters voor deze sport. Het diploma en brevet FCI-obedience is te behalen op examens en tijdens selectiewedstrijden. Examens en selectiewedstijden worden georganiseerd door de Kynologenclubs en hondensportverenigingen onder auspiciën van de Raad van Beheer. De agenda van de wedstrijden is te vinden in het menu onder de kop “kalender”.

Jaarlijks wordt er een Nederlands Kampioenschap FCI-obedience georganiseerd waarvoor gedurende het jaar selectiewedstrijden plaatsvinden.

FCI-obedience staat open voor honden van alle rassen maar de hond moet wel een zekere aanleg hebben om opdrachten voor de baas te willen uitvoeren, zeker in de hogere klassen. Niet alle rassen is dat in even grote mate gegeven.

Bron: Raad Van Beheer Op Kynologisch Gebied